Proefpakket stomamateriaal

Productsnelzoeker

Kies een categorie of subcategorie

Je sociale leven met een stoma

Werk, intimiteit & inspanning

Een operatie waarbij een stoma aangelegd wordt, is een grote en ingrijpende gebeurtenis. Niet alleen voor jou, maar ook voor je partner. 

Daarom is het belangrijk dat vanaf het eerste informatiemoment omtrent operatie en aanleg van de stoma je partner er zoveel mogelijk bij betrokken is. Jij en je partner zullen moeten wennen aan de veranderde situatie en je veranderde lichaam. Dit vraagt om wederzijds begrip. 

Het gewenningsproces kost tijd en vooral door er in alle openheid met elkaar over te praten, kan je samen veel overwinnen.

Aan iemand vertellen dat je een stoma hebt, hangt af van de relatie die je met die persoon hebt. Aan je naasten is het aan te raden om te vertellen dat je een stoma hebt of gaat krijgen. Denk bijvoorbeeld aan je gezin, familie, vrienden en/of collega’s. Door vrijuit over je stoma te praten, krijgen alle betrokkenen de kans om te wennen aan de nieuwe situatie en kunnen zorgen en/of problemen met elkaar besproken worden. Op deze manier vind je ook steun bij elkaar en voel je jezelf meer op je gemak.

Hierbij is het ook goed om te bedenken dat er geen enkele reden is om je te schamen! Door erover te praten, zal je ook merken dat veel mensen in je omgeving weten wat een stoma is en hiervoor ook veel begrip kunnen opbrengen. 

Dit wil echter niet zeggen dat je iedereen op de hoogte moet brengen van je stoma. Mensen met wie je een oppervlakkige relatie hebt, hoeven niet te weten dat je stomadrager bent. Erover praten kan en wellicht dat je hierdoor in uw omgeving mensen tegenkomt, die al jaren een stoma hebben zonder dat u dat wist!

Na de operatie heb je niet meteen zin in seks. Aandacht, intimiteit, vertrouwen en tederheid zijn vaak veel belangrijker. Iedereen heeft daarin zijn of haar eigen proces. Het is wel belangrijk dat je met jouw partner praat over wat er in een later stadium speelt bij je, wat je bezig houdt, en waar je bang voor bent. Je vindt meestal samen met je partner een weg daarin. Je leert weer opnieuw houden van je lichaam en op een andere manier intiem te zijn. De rest komt dan vanzelf. 

Als je met vragen zit en erover wilt praten, aarzel dan niet om er met je stomaverpleegkundige of je behandelend arts erover te praten.

Werken met een stoma kan maar is soms niet mogelijk. Dit is erg afhankelijk van de persoonlijke situatie en de reden waarom de stoma is aangelegd. Na de aanleg van een stoma hervat ruim de helft van de mensen het werk volledig. Ongeveer 25% gaat parttime werken, 25% keert niet terug in het arbeidsproces.

Contact met collega's

Tussentijds contact met de collega’s maakt je terugkeer doorgaans gemakkelijker. Openhartig zijn over je stoma en collega's inlichten over dat wat je kwijt wilt, is een persoonlijke keuze en hangt tevens af van jouw werkomstandigheden. Als je er veel belang aan hecht, kan je collega’s inlichten over het feit dat je een stoma hebt. Je kan bijvoorbeeld vertellen dat je geen controle hebt over gasvorming en eventuele windjes.

Vermoeidheid

Het is belangrijk dat je weer bent hersteld van de operatie die je hebt ondergaan. Je moet weer fit zijn en goed met je stoma kunnen omgaan. Vermoeidheid is een veel gehoorde klacht. Bespreek met je leidinggevende en/of bedrijfsarts de mogelijkheid om bijvoorbeeld met halve dagen te gaan beginnen.

Heffen / tillen

Het is verstandig om geen te zware lasten te tillen, omdat een te grote druk op de buikwand bij een stoma niet goed is en aanleiding kan geven tot een breuk (hernia) rond je stoma. Dit kan je bespreken met je leidinggevende en/of bedrijfsarts. Misschien moet er binnen het bedrijf aangepast werk voor je worden gezocht of moet er een aanpassing in het toilet worden gemaakt zodat je jouw stoma kunt verzorgen.

Werkplek

Als je een rectumamputatie hebt ondergaan, kan een aangepaste stoel een oplossing bieden om het zitcomfort te verhogen. In hoeverre aanpassingen nodig zijn, hangt natuurlijk ook af van de werkzaamheden die je verricht.

Toiletbezoek

Wat in ieder geval tot je beschikking moet staan, is een toilet met fonteintje en een afvalbak met deksel. Op damestoiletten zijn deze meestal al aanwezig maar niet altijd in de herentoiletten. Het is handig om op de werkplek wat stomamateriaal op voorraad te hebben, zodat je dit niet iedere dag hoeft mee te nemen.

Drinken

De belangrijkste functie van de dikke darm is de absorptie van water. Het is daarom belangrijk om 1,5 tot 2 liter per dag te drinken. Dit komt overeen met 12 tot 16 glazen per dag. Alle dranken tellen mee, ook soep, yoghurt en vla. Aan het einde van de dag kan je zelf nagaan of je voldoende vocht heeft gebruikt. Wanneer je weinig plast en je urine geconcentreerd is, kan dit een teken zijn dat je te weinig hebt gedronken.

Het is belangrijk om 2 tot 2,5 liter per dag te drinken. Dit komt overeen met 16 tot 20 glazen per dag. Alle dranken tellen mee, ook soep, yoghurt en vla. Aan het einde van de dag kan je zelf nagaan of je voldoende vocht heeft gebruikt. Wanneer je weinig plast en je urine is geconcentreerd, kan dit een teken zijn dat je te weinig hebt gedronken.

Een regel is belangrijk: drink voldoende, 1,5 tot 2 liter. gedurende de dag. Als je regelmatig drinkt, voorkom je veel kleine problemen, zoals sterk ruikende urine, urineweginfecties, nierstenen en huidirritaties rond de stoma door kristalvorming in de urine. 

 

Eten / voeding met een dikke darmstoma

Voedingsvezels zijn belangrijk, omdat ze ervoor zorgen dat de ontlasting breiig wordt. Vezels komen voor in plantaardige producten zoals volkorenbrood, roggebrood, groente, fruit, aardappelen, peulvruchten en zilvervliesrijst. 

Mensen met een dikke darmstoma kunnen verstopping krijgen. Als de ontlasting te hard is en moeizaam in het zakje komt, is het verstandig om meer vezels in te nemen en voldoende te drinken

Probeer gewichtsschommelingen te voorkomen. Gewichtstoename of afvallen kan op den duur problemen geven met de verzorging van het dikke darmstoma. Door gewichtstoename of gewichtsafname kan bijvoorbeeld lekkage ontstaan met huidirritatie als gevolg.

Windjes worden niet alleen veroorzaakt door voeding. Ook snel praten, snel eten, praten onder het eten, kauwgom kauwen, roken, drinken door een rietje, snurken met open mond, verkoudheid, zenuwachtigheid en een slecht passend gebit veroorzaken veel lucht in het darmkanaal. Gasvorming is niet helemaal te voorkomen, het is een normaal gevolg van onze spijsvertering.

Bepaalde voedingsmiddelen kunnen extra gasvorming veroorzaken evenals lucht slikken. Advies: rustig eten, goed kauwen en geen maaltijden overslaan. Vermijd gasvormende voedingsmiddelen (koolsoorten, prei, ui, knoflook en peulvruchten), koolzuurhoudende drank, kauwgom en roken. Maak gebruik van kruiden bij de bereiding van het eten (dille, kummel, salie en mierikswortel).

Producten die extra winderigheid kunnen veroorzaken:

  • Koolzuurhoudende drank en bier in het bijzonder
  • Peulvruchten
  • Knoflook
  • Prei
  • Koolsoorten
  • Spruitjes
  • Uien
  • Paprika

Sommige producten geven een sterke geur aan de ontlasting. Als je het stomamateriaal op tijd vervangt en het zakje goed vastzit, komen er geen geuren vrij. Een koolstoffilter in het stomamateriaal neemt de geuren op. 

Producten die extra geurvorming kunnen veroorzaken:

  • Eieren
  • Prei
  • Knoflook
  • Uien
  • Koolsoorten
  • Peulvruchten
  • Vis

Oorzaken van diarree zijn vaak: voedselvergiftiging, buikgriep, bepaalde medicijnen of een bestralingskuur.Veel drinken en bij alles wat je drinkt een  beschuitje, cracker of droog koekje eten. Neem contact op met je arts of stomaverpleegkundige als je ongerust bent of wanneer de diarree te lang aanhoudt.

Verstopping bij een dikke darmstoma komt vaak door te weinig vocht en/of te vezelarm eten. Advies: drink veel (minstens twee liter per dag) en vezelrijke voeding gebruike of drink eventueel een glas lauw water op de nuchter maag. Neem contact op met je arts of stomaverpleegkundige als je ongerust bent of wanneer dit te lang aanhoudt.

Eten / voeding met een dunne darmstoma

Met een dunne darmstoma kan je in principe alles drinken en eten. Je hoeft geen speciaal dieet te volgen. Wel is de ontlasting meestal brijig tot dun als je een dunne darmstoma hebt. Het kan helpen om extra zetmeel te eten, zoals een beschuit, biscuit, cracker, aardappels, pasta of rijst.

Probeer schommelingen in het gewicht te voorkomen. Gewichtstoename of afvallen, kan op den duur problemen geven met de verzorging van de dunne darmstoma. Door ongewenste gewichtstoename of gewichtsafname kan bijvoorbeeld lekkage en daardoor huidirritatie ontstaan. Probeer daarom je gewicht op peil te houden.

Variatie in opname en het verlies van vocht kan op korte termijn grote gewichtsschommelingen veroorzaken. Bij fors gewichtsverlies (kilo’s) in enkele dagen, kan sprake zijn van uitdroging. Raadpleeg dan altijd de specialist en/of stomaverpleegkundige.

Windjes worden niet alleen veroorzaakt door voeding. Ook snel praten, snel eten, praten onder het eten, kauwgom kauwen, roken, drinken door een rietje, snurken met open mond, verkoudheid, zenuwachtigheid en een slecht passend gebit leveren veel lucht in het darmkanaal op. 

Producten die extra winderigheid kunnen veroorzaken:

  • Koolzuurhoudende drank en bier in het bijzonder
  • Peulvruchten
  • Knoflook
  • Prei
  • Koolsoorten
  • Spruitjes
  • Uien
  • Paprika

Sommige producten geven een sterke geur aan de ontlasting. Wanneer je het stomamateriaal op tijd vervangt en het zakje goed vastzit, komen er geen geuren vrij. Een koolstoffilter in het stomamateriaal neemt de geuren op. 

Producten die extra geurvorming kunnen veroorzaken:

  • Eieren
  • Prei
  • Knoflook
  • Uien
  • Koolsoorten
  • Peulvruchten
  • Vis

Oorzaken van diarree zijn vaak: voedselvergiftiging, buikgriep, bepaalde medicijnen of een bestralingskuur.

Door de diarree is er meer productie van ontlasting en bestaat er grote kans op uitdroging. Met het vochtverlies gaat ook veel zout verloren. De verschijnselen van zout- en vochttekort zijn: moeheid, duizeligheid, prikkelbaarheid, slaapstoornissen, snel gewichtsverlies, algehele malaise en spierkrampen. Neem vaak kleine maaltijden. Drink veel, minstens 2,5 liter per dag, en gebruik extra zout. 

Eet bij alles wat je drinkt een beschuitje, cracker of droog koekje. Als er niet snel verbetering optreedt, neem dan contact op met je huisarts of stomaverpleegkundige.

Verwar een verstopping niet met obstipatie. Obstipatie bij een dunne darmstoma komt vaak doordat de patiënt te weinig drinkt en/of vezelarm eet. Een obstructie wordt veroorzaakt door een onverteerbare prop die voor de opening van de stoma vast zit. De prop kan ontstaan door het eten of het niet goed kauwen van niet verteerbare en/of vezelige producten. Het meeste risico op zo’n verstopping lopen de dunne darmstomadragers.

Voorkomen is echt beter dan genezen! De gouden regel is dus eigenlijk voor iedereen: rustig eten en het goed kauwen en/of klein snijden van het voedsel. Wees alert bij bepaalde producten, zoals champignons, noten, producten die kokos bevatten, asperges, rauwkost, draadjesvlees of partjes van citrusvruchten.

Wanneer verstopping optreedt, kan je last krijgen van buikpijn, krampen, een opgezet stoma en geen productie van ontlasting, behalve misschien wat dun vocht, kunnen het gevolg zijn. 

Aanbevolen wordt veel te drinken, in de hoop dat de prop lost schiet. De buik masseren in de buurt van de stoma kan ook helpen. Zo niet, neem dan direct contact op met de stomaverpleegkundige of de huisarts. Neem in zo'n situatie nooit laxeermiddelen.

Kauw het eten goed als je een dunne darmstoma hebt. Sommige voedingsmiddelen zijn draderig of verteren niet zo gemakkelijk. Deze kunnen daarom verstopping (van de stoma) veroorzaken als ze niet goed fijngesneden en goed gekauwd zijn. Dit zijn bijvoorbeeld:

  • asperges
  • bleekselderij
  • champignons
  • mais (ook popcorn)
  • zuurkool
  • harde rauwkost
  • noten en pinda’s
  • taai en draderig vlees
  • citrusvruchten
  • verse ananas
  • gedroogde vruchten (dadels, vijgen en pruimen)
  • kokosproducten

Eet regelmatig kleine maaltijden. Als je het eten en drinken goed verspreidt over de dag, zal de ontlasting beter indikken. Vier of vijf kleine maaltijden (met drinken) zijn beter dan één grote en wat kleine maaltijden. Eet niet te veel voordat je gaat slapen, omdat dan ’s nachts de stoma veel ontlasting gaat produceren.

Wanneer je in tropische of subtropische landen verblijft, heb je te maken met hogere temperaturen en met andere hygiënische omstandigheden. Hierdoor is het gevaar van diarree extra aanwezig. Neem geen onnodige risico’s.

Maak geen gebruik van:

  • ongekookt leidingwater
  • ijs en ijsblokjes
  • rauw vlees en rauwe vis
  • rauwe groenten
  • ongeschild fruit

Zorg er bovendien voor dat je altijd Oral Rehydration Salts (ORS), bouillontabletten en/of zouttabletten bij je hebt.

Bij diarree, braken, hevige transpiratie, koorts of warm weer treedt extra zout- en vochtverlies op. Maar ook bij het sporten verlies je meer vocht en zout dan normaal. Bovendien kan je een verminderde eetlust hebben, waardoor de inname van zout en vocht lager is. Een extra zout- en vochtaanvulling is dan noodzakelijk. 

Het verlies van zout kan je aanvullen door extra zout te gebruiken. Je kan keukenzout over je voeding strooien. Ook andere producten kunnen je helpen het zouttekort te voorkomen. Bronnen van zout zijn bijvoorbeeld:

  • Keukenzout
  • Aromat
  • Ketjap, zout en zoet
  • Maggi
  • Bouillon, heldere soep
  • Tomatensap/groentesap
  • Rookvlees
  • 20+ en 30+ (smeer)kaas

Sommige zoute producten leveren veel calorieën (energie). Neemt je gewicht snel toe, gebruik dan onderstaande producten met mate:

  • Bacon
  • Cervelaatworst
  • Salami
  • Ontbijtspek
  • 48+ (smeer)kaas
  • Rookworst
  • Chips en zoutjes
  • Haring

Eten / voeding met een urinestoma

Met een urinestoma kan je alles eten en drinken. Je hoeft geen speciaal dieet te volgen. Wel is het aan te raden om het onderstaande kopje door te nemen, met tips over het voorkomen van een nare geur van de urine.

Sommige voedingsstoffen en geneesmiddelen kunnen invloed hebben op de geur en kleur van de urine, namelijk:

  • Asperges
  • Vis
  • Rode biet
  • Sommige antibiotica